Abstracte
schilderijen zijn een richting binnen de Moderne schilderijen waarin
niet altijd wordt geprobeerd om objecten uit de
natuurlijke
wereld weer te geven en er hoeven geen zaken uit de reële
wereld te zijn
afgebeeld. Er kunnen onderliggende principes zichtbaar gemaakt met
vormen en kleuren, ritmes en
contrasten.
Abstracte schilderijen, ontstonden
in het begin van de 20e eeuw. Het
komt voor in de beeldhouwschilderijen en de
schilderschilderijen
van de
20e eeuw en
vindt nog steeds aanhangers in de hedendaagse schilderijen.
Abstracte schilderijen
zijn een richting binnen de moderne schilderijen waarin niet
wordt geprobeerd
om objecten uit de natuurlijke wereld exact weer te geven. Vormen en
kleuren
verwijzen niet naar iets anders door het detailgetrouw af te beelden
maar
drukken iets uit door hun intensiteit en contrast.
De gezaghebbende Vlaams-Franse essayist-schilderijenenaar Michel Seuphor (pseudoniem voor Fernand Berckelaers) definieert abstracte schilderijen als volgt: "Alle schilderijen die terecht slechts vanuit een gezichtspunt van de harmonie, de compositie, de ordening - dan wel de disharmonie, de decompositie, de willekeurige wanorde - moet worden beoordeeld, zijn abstracte schilderijen. Hierbij nemen kleur, vormstructuren en lijnen de plaats in van het figuratieve object, zowel in de abstracte schilderijen als in de beeldhouwschilderijen".
is de term die algemeen gebruikt wordt voor de avant-gardistische artistieke uitingen vanaf het begin van de 20e eeuw tot ongeveer de jaren '60. Belangrijke stromingen binnen de abstracte schilderijen waren Kubisme, Futurisme, Dada en Surrealisme.
De schilderijen die sinds de jaren '60 gemaakt wordt, wordt meestal aangeduid met hedendaagse schilderijen. schilderijen van jonge, veelbelovende of nog niet gevestigde schilderijenenaars noemt men actuele schilderijen. In diverse musea over de hele wereld wordt de moderne schilderschilderijen en beeldhouwschilderijen tentoongesteld.
"Absolute schilderijen" en "Concrete Schildering" zijn eveneens omschrijvingen, waarmee men het absolute karakter van de abstracte schilderijen wil benaderen. Hans Arp en verwante schilderijenenaars betitelden hun abstracte schilderijen heel paradoxaal als 'Concrete schilderijen' omdat ze hun abstracte schilderijenproducten heel wat concreter vonden dan bijvoorbeeld een stoel, een wolk of een trein.
Kubisme is een avant-garde schilderijenrichting van de abstracte schilderijen, hoewel de kubistische schilderijenenaar uitging van een onderwerp dat meestal ook herkenbaar bleef. Cobra wordt gezien als een latere intuïtieve voortzetting van de abstracte schilderijen.
Geometrische abstractie is abstracte schilderijen met geometrische vormen. Een geometrische vorm is een meetkundige vorm, zoals een rechthoek, vierkant of driehoek. Een gesloten vorm is een dichte vorm zonder gaten of openingen. Het is het tegenovergestelde van een open vorm.
Half-abstract is abstract lijkend maar er is wel een voorstelling in te herkennen.
Wellicht heeft er altijd 'abstracte' schilderijen bestaan: de mysterieuze inkepingen in prehistorisch aardewerk, het Keltisch vlechtwerk dat nog lang onze miniaturen siert, de vormentaal van de architectuur. Omdat ze onderdeel was van een gebruiksvoorwerp, een sierelement, een gebouw, was ze (nog) geen (abstracte) schilderijen.
Beeldloze schilderijen / objectloze schilderijen is in onze westers-christelijke schilderijen minder sterk aanwezig dan in de joodse en islamitische cultuur waar het abstracte de uitdrukking is van de onmogelijkheid over het Allerhoogste een uitspraak te doen, in welke schilderijenvorm dan ook. Abstracte schilderijen was in die godsdiensten noodzaak omdat het afbeelden van concrete zaken streng verboden was om de terugval naar de verafgoding van mensen / dieren / hemellichamen te voorkomen.
Het losmaken van de kleur bij de pogingen tot weergave van de zintuiglijk waarneembare realiteit vond al zijn oorsprong in het reactionaire Impressionisme, daarop in het meer emotioneel geladen Fauvisme en het latere Expressionisme.
De allereerste creaties naar de abstractie toe werden, tussen 1904 en 1906, al geleverd door de Franse meester Paul Cézanne, toen hij in zijn Arlésiaanse landschappen met de Mont Sainte-Victoire een onverbloemd kubistisch-abstraherende toets bracht.
Tussen 1906 en 1908 presteerde de alweer Franse schilderijenenaar Odilon Redon zijn Paravent rouge, drie panelen vrijwel abstract beschilderd. Ook Georges Rouault creëerde zijn Esquisse pour automne en zijn Paysage d'inondation uitermate abstract in 1906.
In 1907 bracht het Russische koppel Michail Larionov en Natalja Gontsjarova ons hun Rayonisme-werken.
Het was in 1908, dat de Roemeen Constantin Brancusi met zijn De kus een marmerplastiek tot zijn uiterst eenvoudige vormen terugbracht. In datzelfde jaar bracht de Nederlander Piet Mondriaan met zijn Rode Boom een sterk naar abstractie neigend expressionisme. Nog in dat jaar publiceerde te München Wilhelm Worringer zijn in Bern verdedigde doctoraatsthesis Abstraktion und Einfühlung.
De werken Caoutchouc van de Franse Francis Picabia en Eerste abstracte compositie van de Rus Wassily Kandinsky horen tot de eerste abstracte schilderijen, tussen 1907 en 1910. De anekdote wil zelfs, dat Kandinsky viel voor de abstractie door een toevallig omgekeerd dorpsgezicht van zijn hand. Ook de Amerikaan Arthur Dove kwam aan bod met enkele non-conformistische abstracte prestaties naar een lyrische conceptie van de natuur.
Om het Suprematisme bouwde de Russische Kasimir Malevitch een hele theorie. Zijn centrale schilderijenwerk hierin was het "Zwart vierkant" (op witte achtergrond) uit 1915. El Lissitzky was de tussenfiguur tussen het suprematisme en het Constructivisme. In die laatste stroming ontwikkelden zich schilderijenenaars als de Rus Tatlin en de Nederlanders Piet Mondriaan en Bart van der Leck. Samen met de frottage van de Duitser Max Ernst en de dripping van Jackson Pollock creëerde men heel wat "koude" (geometrische) en "warme" (lyrische) abstracte werken, wat schilderijenbeschouwers vele nieuwe begrippen deed bedenken.
Men kan aldus twee grote stromingen onderscheiden. Ten eerste is er de geometrisch geïnspireerde abstracte schilderijen, waaronder het suprematisme en het constructivisme kunnen worden gerekend. Daarnaast ontwikkelde zich ook een abstract expressionisme dat wordt gekarakteriseerd door een willekeurige toepassing van vorm en kleur en kan worden gezien als de uitdrukking van de onbewuste indrukken en gevoelens van de schilderijenenaar. Deze vorm heeft zich vooral ontwikkeld na de Tweede Wereldoorlog en leidde uiteindelijk tot een schilderschilderijen waarin de nadruk lag op het schilderproces. Deze stroming wordt bijvoorbeeld geïllustreerd door de dripping-werken van Pollock.
Schilderstijlen binnen de abstracte schilderijen zijn o.a.:
Kunst en Kantoor verkoopt
abstracte schilderijen.
Abstracte schilderijen en
moderne schilderijen
Kunst &
Kantoor